Het binnenvaartschip Uniek meert af aan de kade in Dillingen, Duitsland. Daarbij trekt schipper Barten een bolder mee, met stalen bak en al die in de muur van de oeverwand verankerd is. De schipper meldt de schade direct bij het havenbedrijf en bij Oranje en vertelt daarbij dat de bolder al een scheur vertoonde voordat deze brak. Meteen na het voorval neemt Barten enkele foto's van de situatie. Zoals te verwachten valt, stelt het havenbedrijf de schipper aansprakelijk voor de schade aan muur en bolder. De kosten zijn geen kleinigheid: € 8.500,-.
Oranje schakelt een buitenlands expertisebureau in om het havenbedrijf te overtuigen dat de schade niet door schipper Barten is veroorzaakt. Uit de technische correspondentie blijkt dat slecht materiaal de oorzaak van de schade is. Als argument voert het bureau onder meer aan dat door de Uniek geen buitensporige krachten op de bolder zijn uitgeoefend. Verder wijzen de experts op roestvorming op het breukvlak, hetgeen aantoont dat het materiaal al gescheurd moet zijn geweest. Ten slotte constateert men een gietfout in het materiaal van de kast waarin de bolder is gevat. Het expertisebureau adviseert Oranje om maximaal eenderde van de kosten op zich te nemen. Oranje neemt het advies niet over, maar wacht af of de tegenpartij de zaak zal doorzetten.
Inderdaad ontvangt schipper Barten een dagvaarding. Oranje legt de kwestie aan haar buitenlandse advocaat voor, die de zaak op zich neemt. De maximaal toelaatbare krachten van het gebruikte touw worden onderzocht, want in geval van overbelasting had dit moeten breken voordat de bolder 'meegenomen' werd. De gehele situatie omtrent lading, diepgang, krachten en dergelijke wordt nog eens goed doorgesproken en de getuigen is gevraagd om de zaak te steunen.
Als het antwoord op de dagvaarding rond is, lijkt een rechtszaak onafwendbaar. Op dat moment geeft de advocaat van de tegenpartij te kennen dat zijn cliënt de rechtsgang graag zou willen beëindigen. Echter op voorwaarde dat Oranje geen verzoek om vergoeding van de kosten zal indienen. Oranje gaat in op deze opmerkelijke wending.
De schadeclaim tegen schipper Barten wordt ingetrokken. De kosten voor expertise en advocaat bedragen € 2300,-. Oranje draagt de expertisekosten geheel en 75% van de advocaatkosten. De schipper neemt de overige 25% voor zijn rekening, met een maximum van € 500,-.